Bijna 40.000 inwoners Helmond-De Peel hebben moeite met basisvaardigheden

18 sep , 17:00Helmond
Ondertekening 17 september 2026 Regionaal Programma Basisvaardigheden Helmond De Peel 2026 2030
Ondertekening 17 september 2026 Regionaal Programma Basisvaardigheden Helmond-De Peel 2026-2030
HELMOND – Naar schatting 39.200 inwoners van Helmond en de Peelgemeenten hebben moeite met lezen, schrijven, rekenen of digitale vaardigheden. Dat is ongeveer één op de vijf inwoners tussen de 16 en 75 jaar. Zeven gemeenten gaan daarom tot 2030 gezamenlijk proberen deze groep eerder te bereiken en beter te ondersteunen.
De gemeenten Helmond, Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek, Someren en Geldrop-Mierlo hebben daarvoor een nieuw regionaal programma opgesteld. De afspraken voor de periode 2026 tot en met 2030 zijn donderdag 17 september door de verantwoordelijke wethouders bekrachtigd.
De omvang van de groep valt op. Van de naar schatting 39.200 inwoners met beperkte basisvaardigheden hebben ongeveer 25.500 mensen Nederlands als moedertaal. Bij circa 13.700 inwoners is Nederlands de tweede taal. Problemen met taal en andere basisvaardigheden beperken zich daarmee nadrukkelijk niet tot nieuwkomers of mensen die Nederlands later hebben geleerd.

Problemen vaak niet direct zichtbaar

Moeite met basisvaardigheden kan lange tijd onopgemerkt blijven. In het dagelijks leven kan het bijvoorbeeld lastig zijn om een brief van een gemeente, zorgverzekeraar of andere instantie te begrijpen. Ook het invullen van formulieren, internetbankieren, aanvragen van toeslagen of werken met DigiD kan problemen opleveren.
Door de toenemende digitalisering wordt die drempel groter. Steeds meer contacten met overheidsinstanties, banken, zorgverleners en bedrijven verlopen via websites en apps. Wie moeite heeft met lezen of digitale handelingen kan daardoor sneller afhankelijk worden van anderen.
Ook op de werkvloer kunnen beperkte basisvaardigheden gevolgen hebben. Werknemers moeten steeds vaker digitaal registreren, instructies lezen of online opleidingen volgen. Het niet goed begrijpen van veiligheidsvoorschriften en werkprocedures kan bovendien tot risico's leiden.

Meer dan alleen taalonderwijs

De nieuwe regionale aanpak moet daarom breder worden dan alleen het aanbieden van taallessen. Gemeenten willen problemen met basisvaardigheden eerder herkennen op plaatsen waar inwoners toch al komen.
Daarbij wordt onder meer samengewerkt met bibliotheken, werkgevers, welzijnsorganisaties en lokale taal- en digitale netwerken. Ook binnen bestaande ondersteuning voor inwoners moet meer aandacht komen voor taal, rekenen en digitale vaardigheden.
Dat kan bijvoorbeeld gebeuren bij schuldhulp, ondersteuning rond armoede, gezinsproblematiek of programma's voor ouderen. Het idee daarachter is dat problemen zelden op zichzelf staan. Iemand die moeite heeft met ingewikkelde brieven of digitale formulieren kan bijvoorbeeld ook moeite krijgen met het aanvragen van voorzieningen of het op orde houden van de administratie.
Gemeenten willen daarnaast kritisch kijken naar hun eigen communicatie. Brieven, formulieren en digitale informatie moeten voor zoveel mogelijk inwoners begrijpelijk zijn.

Duizenden werkzoekenden

Een aparte doelgroep binnen het programma bestaat uit inwoners zonder werk. Naar schatting hebben ongeveer 7.300 werkzoekenden in Helmond-De Peel moeite met een of meerdere basisvaardigheden.
Daarbij gaan de gemeenten samenwerken met onder meer het Regionaal Werkcentrum, UWV en Senzer. Het verbeteren van taal-, reken- en digitale vaardigheden kan de mogelijkheden om werk te vinden of een opleiding te volgen vergroten.
Dat thema sluit aan bij de bredere ontwikkeling op de regionale arbeidsmarkt. Werkgevers vragen steeds vaker digitale vaardigheden van personeel, ook bij functies waarvoor enkele jaren geleden nauwelijks met computers of digitale systemen hoefde te worden gewerkt.

Hulp bestaat al

De regionale aanpak begint niet bij nul. In Helmond en de omliggende gemeenten bestaan al verschillende voorzieningen waar inwoners ondersteuning kunnen krijgen.
Bij digiTaalhuizen kunnen mensen onder meer oefenen met de Nederlandse taal en hulp krijgen bij brieven en formulieren. Daarnaast zijn er Informatiepunten Digitale Overheid, de zogenoemde IDO's. Daar kunnen inwoners terecht als zij bijvoorbeeld hulp nodig hebben met DigiD, toeslagen, uitkeringen of andere digitale overheidsdiensten.
Ook via volwasseneneducatie worden inwoners ondersteund bij het verbeteren van hun basisvaardigheden. Helmond vervult daarbij een regionale rol als contactgemeente voor volwasseneneducatie binnen Helmond-De Peel.
Het nieuwe programma moet bestaande initiatieven nadrukkelijker met elkaar verbinden en ervoor zorgen dat inwoners sneller bij de juiste vorm van ondersteuning terechtkomen.

Vanaf 2027 resultaten meten

Een belangrijk onderdeel van het programma is het meten van de resultaten. Vanaf 2027 willen de gemeenten jaarlijks vastleggen hoeveel inwoners daadwerkelijk worden bereikt, welke groepen gebruikmaken van de ondersteuning en welke effecten de hulp heeft.
Daarmee moet duidelijker worden of de inspanningen ook terechtkomen bij inwoners die tot nu toe moeilijk worden bereikt.
Het regionale percentage van ongeveer twintig procent staat overigens niet op zichzelf. Landelijk hebben naar schatting ongeveer drie miljoen Nederlanders tussen 16 en 75 jaar moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Vaak gaan die problemen samen met beperkte digitale vaardigheden.
Voor Helmond-De Peel betekent het nieuwe programma dat de aanpak in ieder geval tot 2030 regionaal wordt voortgezet. Gemeenten kunnen daarbij hun eigen lokale maatregelen houden, maar werken gezamenlijk aan het bereiken van de tienduizenden inwoners voor wie een brief lezen, een formulier invullen of een digitale aanvraag doen nog altijd niet vanzelfsprekend is.
loading

Loading