Van Commodore tot Pac-Man: in dit Helmondse museum móét je juist overal aan zitten

18 aug , 10:57Cultuur
265242 181
Home Computer museum in 2018
HELMOND – Handen op de rug, nergens aankomen en vooral niet op de knoppen drukken. Wie dat als kind in een museum vaak genoeg heeft gehoord, kan in het HomeComputerMuseum in Helmond zijn schade ruimschoots inhalen. Hier is het juist de bedoeling dat je achter een computer uit 1982 gaat zitten, een joystick vastpakt of probeert te ontdekken hoe mensen ooit zonder touchscreen, wifi en Google konden overleven. En opvallend genoeg trekt die digitale tijdreis nog altijd meer bezoekers.
Wie op de Noord Koninginnewal naar binnen stapt, krijgt geen klassieke museumzaal vol glazen vitrines voorgeschoteld. Het museum probeert de geschiedenis van de thuiscomputer juist na te bouwen zoals mensen die destijds beleefden. Computers staan in kamers en op bureaus die passen bij hun tijdperk. Een Commodore 64 staat daardoor niet als kostbaar relikwie achter glas, maar ongeveer zoals hij ooit in een woonkamer of tienerkamer stond.
En ja: hij mag aan.

Duizenden computers, honderden klaar voor gebruik

Dat is meteen de grote troef van het museum. Waar veel techniekmusea noodgedwongen vooral laten zien, draait het in Helmond om doen. Oude computers kunnen worden gestart, spellen kunnen worden gespeeld en bij verschillende systemen kan de bezoeker daadwerkelijk ervaren hoeveel omslachtiger computeren vroeger soms was.
De verzameling bestaat inmiddels uit duizenden apparaten. Het museum meldt zelf een collectie van meer dan 4.600 computers, waarbij dagelijks honderden machines speelbaar zijn. Apple, Atari, Commodore, IBM, Philips, Sega, Sony, Sinclair, Tandy en tal van inmiddels verdwenen merken passeren de revue.
Daarmee is het bepaald niet alleen een speelhal voor mannen die spontaan beginnen te glimlachen bij de woorden Amiga 500.
Kinderen kunnen ontdekken dat een spel vroeger niet met één tik op een app-icoontje begon. Ouders kunnen demonstreren waarom een cassettebandje ooit iets met een computer te maken had. En bezoekers die de jaren tachtig en negentig bewust hebben meegemaakt, lopen een aanzienlijk risico zinnen uit te spreken als: „Die hadden wij thuis ook.”

Maar komen daar nog mensen op af?

Jazeker.
In 2025 registreerde het HomeComputerMuseum 6.025 bezoekers. Dat waren er 613 meer dan een jaar eerder. Omgerekend groeide het bezoekersaantal met ruim 11 procent. Voor een gespecialiseerd museum dat zich vrijwel volledig op computererfgoed richt, is dat een behoorlijke ontwikkeling.
Definitieve bezoekerscijfers over 2026 zijn er halverwege augustus vanzelfsprekend nog niet. Er zijn echter weinig aanwijzingen dat de belangstelling plotseling is verdwenen. Op Tripadvisor staat het museum momenteel op 4,9 van de 5 punten en behoort het tot de hoogst gewaardeerde attracties van Helmond. Zelfs in juli 2026 verschenen er nog nieuwe recensies waarin juist de hoeveelheid te bekijken én te gebruiken apparatuur wordt genoemd.
Ook op andere beoordelingsplatforms komt steeds hetzelfde beeld terug: bezoekers waarderen vooral dat apparatuur daadwerkelijk werkt en dat medewerkers bereid zijn om systemen uit te leggen of iets bijzonders te demonstreren. Een terugkerend minpunt is er eigenlijk ook: wie werkelijk geïnteresseerd raakt, blijkt aan een paar uurtjes soms niet genoeg te hebben.

Pac-Man spelen mag dus gewoon

Wie alleen maar wil rondkijken, kan dat uiteraard doen. Maar leuker wordt het wanneer je zelf achter de apparatuur kruipt.
Bezoekers kunnen klassieke computers uitproberen, retrospellen spelen, oude software bekijken en in de arcade aan de slag. Voor scholen bestaan er quizzen en rondleidingen, terwijl groepen een uitgebreidere tocht door de computergeschiedenis kunnen boeken. Het museum rekent voor zo'n historische rondleiding anderhalf tot twee uur — en dat is exclusief het verdwalen achter een oude spelcomputer omdat iemand per se nog één level verder wil.
Er staan bovendien apparaten die je niet snel op zolder bij opa tegenkomt. Het museum noemt bijvoorbeeld een Amiga die door NASA is gebruikt en een computer die door kunstenaar Herman Brood werd beschilderd. De tentoonstelling beslaat meer dan duizend vierkante meter en volgt grofweg ruim veertig jaar ontwikkeling van de thuiscomputer.

Meer dan alleen nostalgie

Achter al dat piepende, zoemende en soms tergend langzaam opstartende erfgoed zit nog een tweede verhaal.
Het museum gebruikt zijn werkplaats ook voor reparatie en restauratie. Daarnaast speelt het een sociale rol. Mensen die via onder meer re-integratie en dagbesteding binnenkomen, kunnen er ervaring opdoen met repareren, techniek, bezoekers ontvangen en andere werkzaamheden. Opgeknapte computers zijn onder meer ingezet voor Stichting Leergeld, die gezinnen ondersteunt die zelf niet gemakkelijk noodzakelijke computerapparatuur kunnen aanschaffen.
Daarmee is het HomeComputerMuseum eigenlijk tegelijk museum, werkplaats, speelplek, archief en sociaal project.

En het wordt nóg groter

Dat het museum geen plannen heeft om langzaam achter zijn eigen beeldbuizen te verdwijnen, blijkt dit jaar wel. Aan de overkant van de huidige locatie is 465 vierkante meter extra ruimte gehuurd. Daar komen onder meer de reparatieafdeling, opslag en winkel terecht. Daardoor ontstaat in het bestaande museum weer ruimte om meer van de collectie daadwerkelijk aan bezoekers te laten zien.
De tweede locatie krijgt de naam HomeComputerMuseum Retro Centrum en moet op 25 september 2026 officieel openen. Behalve een grotere werkplaats komt er een winkel met onder andere gereviseerde computers, retrohardware, kabels en boeken en wordt een gedeelte ingericht rond Commodore-producten.
De uitbreiding volgt op een periode waarin de gemeente Helmond het museum financieel is gaan ondersteunen. In het gemeentelijke subsidieregister over 2025 staan bijdragen van ruim 80.000 euro en 25.000 euro vermeld. De steun is mede bedoeld om de organisatie professioneler te maken en het museumverhaal duidelijker te presenteren.

Een museum waar wachten onderdeel van de attractie is

Misschien zit precies daarin de charme.
Wie is opgegroeid met een smartphone waarop in een fractie van een seconde vrijwel alle kennis van de wereld verschijnt, ontdekt in Helmond dat je ooit een computerprogramma vanaf een cassette moest laden. Dat diskettes écht bestonden. Dat 1,44 megabyte ooit behoorlijk veel opslagruimte was. En dat een computer waarop helemaal niets gebeurde nadat je hem had aangezet niet noodzakelijk kapot was — je moest gewoon weten wat je moest intikken.
Voor de ene bezoeker is het geschiedenis.
Voor de andere jeugdsentiment.
En voor kinderen waarschijnlijk vooral het wonderlijke bewijs dat hun ouders ooit vrijwillig uren achter apparaten zaten die minder rekenkracht hadden dan tegenwoordig in een slimme deurbel zit.
Dat het HomeComputerMuseum ondertussen meer dan zesduizend bezoekers per jaar trekt en opnieuw uitbreidt, maakt duidelijk dat die oude computers nog lang niet klaar zijn voor hun laatste GAME OVER.

Praktische informatie – augustus 2026

In juli en augustus is het museum zeven dagen per week geopend van 11.00 tot 18.00 uur. De laatste bezoekers worden een uur voor sluiting toegelaten. Vanaf september gelden weer andere openingstijden; controle vooraf is daarom verstandig. https://www.homecomputermuseum.nl/#intro
Een regulier kaartje voor een volwassene kost momenteel €10,24. Kinderen van 5 tot en met 14 jaar betalen €5,12, kinderen tot en met vier jaar mogen gratis naar binnen. Een familieticket voor twee volwassenen en maximaal drie kinderen kost €27. De Museumkaart wordt niet geaccepteerd.
loading

Loading