Overnachten in Helmond fors duurder: hogere btw én toeristenbelasting zetten hotelmarkt onder druk

19 aug , 7:11Economie
pexels helenalopes 3215519
©Pexels
Een nachtje weg in Helmond is dit jaar aanzienlijk duurder geworden. Niet alleen verhoogde het Rijk de btw op hotelovernachtingen van 9 naar 21 procent, ook de gemeente Helmond deed er een flinke schep bovenop. De toeristenbelasting steeg van 3 naar 4,50 euro per persoon per nacht. Daarmee krijgt de lokale hotelmarkt in één jaar tijd te maken met twee forse lastenverzwaringen.
Of daardoor daadwerkelijk minder mensen in Helmond blijven slapen, is op dit moment nog niet met lokale cijfers vast te stellen. Landelijk zijn echter steeds meer signalen zichtbaar dat vakantiegangers kritischer naar de prijs van een verblijf kijken. Vooral hotels en vakantiebedrijven die met buitenlandse bestemmingen concurreren, zien de druk toenemen.
Voor Helmond is de vraag hoe gevoelig de stad daarvoor is.

Toeristenbelasting in één jaar 50 procent omhoog

De lokale verhoging is stevig. Wie vorig jaar in een hotel of bed and breakfast in Helmond verbleef, betaalde drie euro toeristenbelasting per persoon per nacht. Inmiddels is dat 4,50 euro.
Voor een stel dat twee nachten in de stad verblijft, betekent dat dat de gemeentelijke belasting stijgt van 12 naar 18 euro.
Daar komt de landelijke btw-verhoging nog bij. Sinds 1 januari wordt over hotelovernachtingen geen 9 maar 21 procent btw gerekend.
Wanneer een hotel de volledige verhoging doorberekent, kan het verschil behoorlijk oplopen.
Een kamer die vorig jaar 150 euro inclusief btw kostte, zou bij een verder gelijkblijvende kamerprijs door alleen het veranderde btw-tarief uitkomen op ongeveer 166,50 euro. Voor twee gasten stijgt vervolgens ook de Helmondse toeristenbelasting van zes naar negen euro per nacht.
Daarmee kost hetzelfde voorbeeldverblijf ongeveer 175,50 euro in plaats van 156 euro. Een verschil van bijna twintig euro voor één nacht.
Hotels kunnen er overigens voor kiezen een deel van de verhoging niet door te berekenen. In dat geval voelt de gast minder van de maatregel, maar komt de rekening uiteindelijk bij de ondernemer terecht.

Helmond is geen traditionele vakantiestad

Toch kan Helmond niet zonder meer worden vergeleken met vakantieparken aan de kust of toeristische regio's dicht tegen de Belgische en Duitse grens.
De stad kent een gemengde markt. Er komen recreatieve bezoekers voor onder meer het kasteel, musea, evenementen, fietsen en de Peel, maar hotels richten zich eveneens nadrukkelijk op zakelijke gasten.
Golden Tulip West-Ende noemt zichzelf bijvoorbeeld een businesshotel en beschikt over meer dan honderd kamers. Ook Fletcher Wellness-Hotel Helmond richt zich naast recreatieve verblijven op vergaderingen en zakelijke bijeenkomsten.
Die zakelijke markt kan Helmond enige bescherming bieden. Iemand die voor zijn werk in Helmond of de Brainportregio moet zijn, laat een reis minder snel helemaal vervallen vanwege enkele tientjes hogere verblijfskosten.
Maar ook bedrijven kijken naar de rekening. Bij regelmatig terugkerende bezoeken kunnen hogere hotelprijzen reden zijn om minder nachten te boeken, medewerkers verder buiten de stad onder te brengen of afspraken anders te organiseren.

Eindhoven is tegelijkertijd concurrent én kans

De ligging dicht bij Eindhoven maakt de situatie nog interessanter.
Helmond kan profiteren wanneer hotels in Eindhoven tijdens grote evenementen, congressen of drukke zakelijke perioden vol of duur zijn. Een hotel in Helmond wordt dan een alternatief voor bezoekers die wel in de Brainportregio moeten zijn, maar niet noodzakelijk in Eindhoven hoeven te overnachten.
Die positie kan echter alleen worden benut wanneer het prijsverschil aantrekkelijk genoeg blijft.
Daar wringt de schoen. De landelijke btw-verhoging geldt overal en Helmond heeft daar bovenop zijn eigen toeristenbelasting met de helft verhoogd.
Een lagere hotelprijs dan in Eindhoven kan daardoor deels worden opgegeten door belastingen en andere kosten.

Gemeente wil juist bezoekers langer vasthouden

Dat levert een opvallende tegenstelling op.
Helmond probeert al jaren meer bezoekers van buiten de stad te trekken. Bij evenementen kijkt de gemeente nadrukkelijk naar de economische opbrengst voor lokale ondernemers. Een evenement scoort zelfs beter wanneer het bezoekers uitnodigt om niet meteen naar huis te gaan, maar minimaal één nacht in Helmond te blijven.
Dat is logisch. Een bezoeker die blijft slapen besteedt niet alleen geld aan een evenement, maar mogelijk ook aan een restaurant, café, winkel, ontbijt en hotel.
Juist die gewenste overnachting is in 2026 echter aanzienlijk duurder geworden.
De verhoging van de toeristenbelasting maakt onderdeel uit van een breder pakket waarmee Helmond zijn gemeentelijke inkomsten probeert te verhogen. De stad krijgt minder geld van het Rijk en zoekt daarom ook naar extra inkomsten uit verschillende belastingen en heffingen.
Toeristen merken daar rechtstreeks iets van.

Landelijk zijn de eerste waarschuwingen zichtbaar

De discussie blijft niet beperkt tot Helmond.
Binnen de Nederlandse hotelsector zijn dit jaar signalen zichtbaar dat de bezettingsgraad onder druk staat. Een peiling onder horecaondernemers wees eerder op een duidelijke daling in de eerste maanden van 2026. In grensregio's zou die teruggang nog groter zijn.
Ook uit de vakantieparkensector komen inmiddels signalen dat met name Duitse gasten vaker afhaken.
Daarbij is wel voorzichtigheid nodig. Niet iedere daling kan rechtstreeks aan de btw worden toegeschreven. Economische onzekerheid, prijzen van vervoer, weersomstandigheden, vakantiespreiding en veranderend reisgedrag spelen eveneens een rol.
Voor Helmond ontbreekt bovendien een belangrijk puzzelstuk: openbare actuele cijfers over de bezettingsgraad van de hotels in de stad.
De landelijke statistieken geven wel informatie over Noord-Brabant, maar Helmond wordt daarin niet afzonderlijk uitgesplitst.
Het is daarom nog te vroeg om te concluderen dat hotelgasten Helmond massaal links laten liggen.

Ook arbeidsmigranten vallen onder nieuwe regeling

Helmond veranderde dit jaar bovendien meer dan alleen het tarief voor toeristen.
Ook voor buitenlandse arbeidskrachten die tijdelijk in Helmond verblijven en niet als inwoner staan ingeschreven, geldt inmiddels een verblijfsbelasting. De verhuurder moet daarvoor eveneens 4,50 euro per persoon per nacht betalen.
Daarmee reikt de discussie over verblijfskosten verder dan hotels en toerisme alleen. In een regio waar veel internationale werknemers actief zijn, kunnen ook werkgevers en huisvesters met hogere kosten worden geconfronteerd.

Vraag is wanneer hogere prijs bezoekers gaat kosten

Helmond staat daarmee voor een lastige afweging.
De stad heeft belang bij bezoekers die langer blijven, geld uitgeven en gebruikmaken van hotels, horeca en winkels. Tegelijkertijd is precies dat verblijf in korte tijd aanzienlijk duurder geworden.
Voor hotels ontstaat daarbij weinig speelruimte. Berekenen zij alle hogere lasten door, dan neemt het risico toe dat prijsgevoelige gasten voor een goedkoper alternatief kiezen. Nemen zij een deel voor eigen rekening, dan komt de winstmarge verder onder druk te staan.
Helmond heeft nog een voordeel: de stad combineert recreatief bezoek met zakelijke vraag en ligt dicht tegen de economische motor van Eindhoven aan.
Maar ook dat voordeel is niet onbeperkt.
De echte graadmeter wordt de komende maanden daarom niet de hoogte van de belasting, maar het aantal mensen dat daadwerkelijk een kamer boekt. Pas wanneer de bezettingscijfers van de Helmondse hotels naast die van 2025 kunnen worden gelegd, wordt duidelijk of de hogere rekening vooral pijn doet bij de bezoeker, bij de hotelier – of uiteindelijk bij de hele lokale economie.
loading

Loading